Dit is foute boel

Ik ben al mijn oude blogs aan het overzetten. Ik kwam deze tegen. Het is een heel persoonlijk blog en nog kan ik voelen wat ik toen voelde, hoewel ik het nu een mooi plekje in mijn hart heb gegeven. Het voelt niet meer zo rauw. Niet meer als zout in een wond. En dat is fijn om te voelen. Ik kan nu oprecht zeggen dat het goed is zoals het is gegaan. Nu, negen jaar later, ben ik gelukkig en ik heb zoveel lieve mensen leren kennen die ik anders nooit had ontmoet.

Dit heb ik drie jaar geleden geschreven, toen ik nog elk jaar rond deze tijd worstelde met de pijn en het verdriet over Marcel. Natuurlijk denk ik er nog vaak aan, maar anders. Het is een schaduw die met mij mee gaat, mijn hele leven lang. De ene keer meer zichtbaar dan de andere keer. Het is maar net hoe fel de zon schijnt en wat de stand van de zon is. De tijd heelt alle wonden. Clichés zijn vaak waar, toch 😉 ?

November 2009 geschreven

Bijna zes jaar geleden ging je dood. Zomaar. Bijna zes jaar geleden, vierde ik voor het laatst mijn verjaardag. Bijna zeven jaar geleden vierde ik kerst en beleefde ik kerst niet als kwelling, voor het laatst. Ik ben er klaar mee. Ik wil mijn verjaardag terug. Ik wil kerst terug. Ik wil niet dat jouw dood als een schaduw over mijn leven hangt. Over feestdagen hangt.

Ik ben gelukkig nu. Mijn leven heb ik terug gevonden en ik wil mijn feestdagen weer met familie en geliefden kunnen vieren, zonder dat er een schaduw van jouw dood over hangt.

Maar toch, naarmate de dag dichterbij komt, denk ik vaker terug aan zes jaar geleden.
1 augustus, sleutel van ons nieuwe huis.
16 november, verhuizen.
6 december vier ik mijn verjaardag voor familie.
7 december komen er vrienden langs, eten we wat en het was zo gezellig!
8 december ben ik jarig. We hebben het niet ruim, dus een cadeautje volgt nog, beloofde je mij. Een collega, chocoholic eerste klas, geeft een zelf gebakken, 2 persoonstaartje cadeau en dit eten we ’s avonds samen op bij de koffie. We maken er een foto van.
9 december…. de directeur van mijn werk, feliciteert mij alsnog met mijn verjaardag.
Het is 12u. Je hart besluit er mee te stoppen. Ik eet een pistoletje kipkerriesalade, pistoletje pindakaas, een soepje en een schaaltje fruitsalade.
Het is 13u, ze stoppen met de reanimatie. Het heeft geen zin meer.
Het is 13.55. Ik haal koffie voor de afdeling.
13.58, een collega komt mij tegemoet en neemt de koffie over met de woorden dat er visite is en ik naar beneden moet komen. We kijken naar buiten, zien een politieauto staan en ze zegt voor de grap: “Oh meid, ze komen je halen hoor!” Ik lach en stap in de lift. Ik druk op het knopje BG en op het moment dat de liftdeuren dichtklappen, valt het kwartje. Dit is foute boel, mijn hart begint in mijn borstkas te bonzen. Na wat een eeuwigheid lijkt, gaan de liftdeuren open en staat de manager van facilitaire dienst me op te wachten met een uitgestreken gezicht.
14.00, ik loop een kantoor in met twee vrouwelijke politieagenten. Ik neem plaats en ze vragen of dit mijn naam is. Ja, dat is mijn naam. Mijn meisjes naam. Vaag hoor ik dat ze me vertellen dat je dood bent. Mijn wereld stort in. Ik stort in. Je bent dood. Hartstikke dood. 29 jaar. En ze konden niks meer voor je doen. Ik schreeuw het uit. Het kan niet. Ik was gister jarig, we zijn aan het verhuizen, we zijn pas net getrouwd, we willen nog kinderen. Het kan gewoon niet! Maar helaas. Het was wel zo. Ik haal adem. Collega L stormt naar binnen. Ook bij haar was het kwartje gevallen dat dit fout was. Ook zij krijgt de klap te verwerken en ik troost haar. Ik ben kalm, ijzig kalm.
Ik bel mijn broer en vertel hem het nieuws.
Met collega L en collega A ga ik naar het ziekenhuis en hoor de arts aan. Ik word een beetje lacherig van het serieuze gezicht. Hoe oud zou hij zijn? Misschien ook eind twintig. Niet veel ouder als jou in ieder geval. De politie is er ook, omdat je buiten het ziekenhuis bent overleden en je een wondje op je achterhoofd had. Na uitleg van jouw collega/vriend M, mag ik je dan toch zien. Je had namelijk de kofferbakklep vanmorgen op je achterhoofd gekregen.
Mijn benen lijken van elastiek als ik je zie en zak ook door mijn benen. Collega A vangt mij op. Je hebt je niet goed geschoren zie ik. Er zit nog een beetje bloed op je wang. Je ogen zijn dicht. Het is alsof je slaapt. Je bent pas 3 uur dood. Ik raak je wang aan en verder durf ik niet. Je bent dood. Ik herhaal het hardop. ‘Je bent dood.’
Ik ga naar huis en laat de honden uit. Ik bel mijn ouders en stel ze gerust. Ik ga douchen en vrijwel gelijk naar bed. Ik zie je t-shirt liggen waar je in hebt geslapen. Ik denk terug aan je laatste woorden. “Tot vanavond”. Terwijl ik deed alsof ik nog sliep. Waarom heb ik niks gezegd? Waarom heb ik je niet nog een knuffel gegeven? Waar ben je? Ik voel me alleen, maar ik huil niet. Voor het eerst sinds we samenwonen, slaap ik alleen. Ik val vrijwel gelijk in slaap. Ik word om 4 uur wakker en besef dat je dood bent. Ik ga uit bed, naar beneden en ga internet op. Ik meld mezelf aan op de site Jong Je Partner Verloren. Ik ga opzoek naar ontwerpen voor een rouwkaart. Ik zoek muziek uit, bloemen, teksten, wensen, gedichtjes. En dan begin ik aan een mail naar M, die gister ook in het ziekenhuis was. Je beste vriend. Ik zet mijn gevoelens op papier en dan barst ik los. Eindelijk zijn daar de tranen. Ik snik het uit en krijg soms geen lucht. De tranen stromen over mijn wangen want jij bent dood. Zomaar. Waarom ben je dood? Waarom? Langzaam aan wordt het licht. Ik wandel met de honden en maak zelf thee, tot de familie komt.

Je komt thuis. In de kist. Gek… Het voelt goed. Met plaatsmaken voor jou, knipperen lampen, die uit staan, ik voel je aanwezigheid. De afzuigkap geeft een storing en er valt een spotje uit het plafond. Ik voel je. Van een collega kreeg ik een tip om veel tegen je te praten. Muziek te luisteren. Ik ga naast je zitten met een glas wijn. ik kijk naar je in de kist. Je bent het niet. Je hebt een onderkin en je bent wit. Je haar zit stom en ik zie dat ik een verkeerde blouse heb uitgezocht. Lichtblauw, de kleur van je ogen. Maarja, je ogen zijn dicht en het maakt je ziekelijk. Ik zet muziek aan die ik wil draaien voor de uitvaart. Op het stukje ‘this is not our farewell’ ga ik weer stuk. Ik huil. Lieve Maybel komt kijken. Mijn lieve schat. Opeens heeft ze je kist door. Ze kijkt door het glas en ze herkent je. Ze kwispelt met haar stompje en is door het dolle heen. Opeens spant ze aan en staat ze stil, met haar kin op het glas, staart ze naar je. Strak gespannen. Ze heeft door dat het foute boel is. Je bent het niet. Ze kijkt me aan. Er rolt een traan over haar trouwe boxerkop heen.. Een traan. Ze is de dagen daarna heel down en matjes. Niks voor haar. Ze voelt het…

De uitvaart is prachtig. Alles is zoals het moet. Ik heb nieuwe kleren gekocht, even een fijne afleiding met dank aan collega A. De muziek is precies goed, het gedicht wat ik heb voorgedragen ging goed. Veel mensen, veel lieve woorden. En dan is het klaar.
Klaar om in een gat van stilte te vallen….

Marcel 9-3-1974 9-12-2003

2 reacties op “Dit is foute boel

  1. Mooi geschreven Natas. Moet altijd nog even slikken als ik iets over Marcel lees of (zoals nu) een foto zie. Ik ben hem niet vergeten. Hij mij ook niet volgens mij. Woensdagochtend voor mijn niertransplantatie nog even de radio aangezet en hoorde My Immortal van Evanescence. Toeval of niet?Voor mij een duidelijk signaal die me extra kracht heeft gegeven.
    Kus. Paul

    • Timing he? Dat kan hij wel 🙂
      Ik ben er van overtuigd dat hij op ons let en dat af en toe laat merken met een muziekje of een vlindertje.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *